Een organisatieadviseur verricht in opdracht van het bestuur een onderzoek naar de communicatiestructuur, de communicatie en informatiekanalen in een organisatie. Op grond daarvan is de directeur van die organisatie uit zijn functie ontheven. Na een tussentijdse mondelinge rapportage brengt de organisatieadviseur een eerste schriftelijk rapport uit aan het bestuur. Het bestuur verbiedt een deel van de citaten uit de interviews op te nemen in het uiteindelijk uit te brengen rapport. Dit eindrapport wordt besproken met een stuurgroep van vertegenwoordigers uit de organisatie en in vijf verschillende sessies met het personeel.
De voorzitter van het bestuur dient 9 maanden later een klacht in over het onjuist inwinnen en gebruik van vertrouwelijke informatie, over een negatieve en selectieve weergave van informatie uit de interviews, alsmede over het onjuist en ongenuanceerd trekken van conclusies door de organisatieadviseur. De klacht wordt op alle gronden door de Commissie van Toezicht ongegrond verklaard.
Reageren: info@managementenconsulting.nl