• Mediawerf
  • Management & Consulting
  • Goed Bestuur & Toezicht
  • HMR
  • Knowly
Home / Blogs / Dirk-Jan de Bruijn / Overheid & ICT
Blog

Overheid & ICT

Overheid & ICT

10 november 2014 - Het recente parlementaire onderzoek ICT komt met een waslijst van maar liefst 34 aanbevelingen. Veelal in de no regret sfeer. Maar doorbreken we hiermee de cirkel?

Door Dirk-Jan de Bruijn

Wat is er toch aan de hand met het huwelijk overheid en ICT? Waarom lukt het toch alsmaar niet om dat swingend te krijgen? Het inmiddels veelbesproken rapport van de parlementaire onderzoekscommissie ICT (‘rapport Elias’) maakt melding van het feit dat de overheid haar ICT-projecten niet op orde heeft – waardoor onnodig belastinggeld wordt verspild. Ook constateert Elias dat de cultuur rondom ICT-projecten bij de overheid niet deugt. Vervolgens komt men met een waslijst van maar liefst 34 (!) aanbevelingen. Veelal met een sterk hygiëne-achtig karakter in de sfeer van huis op orde: heldere bevoegdheden, duidelijke sturingslijnen, scherpe rollen, professionele experts en transparante benefits. No regret eigenlijk. Wie kan daar nu tegen zijn?

Maar is dat nou de oplossing voor het probleem? Doet dit recht aan de complexiteit? Even een uitstapje. Van de Amerikaanse statisticus Deming (de man van de kwaliteitsbeweging in Japan) hebben we geleerd dat 80 procent van de problemen voortkomen uit het systeem – en daarmee onder verantwoordelijkheid vallen van politiek en bestuur. En dat slechts 20 procent van de problemen toe te schrijven zijn aan het individu. Onderstreept dus dat je zicht moet krijgen op hoe het systeem functioneert. Welke patronen daar leidend zijn. Heel huiselijk, want problemen moet je niet oplossen op het niveau waarop ze zijn ontstaan. Vrij naar Albert Einstein.

Laten we eens inzoomen op dat systeem: what's going on?

1. Als eerste: het gaat van aanbodgericht naar vraaggestuurd. Was in het recente verleden sprake van duidelijk onderscheid tussen disciplines, onder druk van het inspelen op klantbehoeftes is die afbakening tussen sectoren vervaagd. Vandaag de dag staat - mede door het toepassen van nieuwe technieken - het creëren van klantwaarde centraal. Wie had ooit kunnen bedenken dat je naar de HEMA zou gaan voor een samenlevingscontract? En dat de Belastingdienst jouw aangifte al helemaal heeft ingevuld – waarbij jij het alleen nog maar even hoeft te checken.

2. En juist die transformatie creëert een oplopende spanning in de aansturing. Tussen verticaal, vanuit topdown gestuurde pijlers van afgebakende vakministeries met verantwoordelijke bewindspersonen, en horizontaal, vanuit netwerken en domeinen. Die lopen in onderlinge interactie in elkaar over. Over de grenzen van onze eigen instituties, middels slimme vormen van samenwerking, zowel publiek-publiek als publiek-privaat. Sturend op onderlinge complementariteit ter operationalisering van het beproefde win/win concept.

Het inkomensgerelateerde domein (met spelers als de Belastingdienst, UWV, SVB en DUO) laat dat goed zien: de hiërarchische en politieke lijn (Belastingdienst met Financiën, DUO met OCW en UVW en SVB met SZW) staat haaks op de sterke onderlinge afhankelijkheden en interacties tussen deze vier uitvoeringsorganisaties – redenerend vanuit de behoefte van burger/ondernemer.

3. Sinds het begin van deze eeuw is de politieke cyclus gehalveerd tot twee jaar – wat wordt versterkt door tussentijdse begrotingsakkoorden. Dat dit gevolgen heeft voor de eisen die aan de uitvoering worden gesteld blijkt wel uit de stapeling van nog te implementeren beleidsvoornemens. Met daarbij een toenemende vraag om die maatregelen in een alsmaar hoger tempo gerealiseerd te krijgen. Sommigen daarvan zijn zodanig complex geworden door een veelheid van wensen dat vraagtekens gezet moeten worden bij de uitvoerbaarheid. En dat terwijl de uitvoeringsorganisaties in de afgelopen jaren zijn getransformeerd tot een soort van ‘ICT fabriek’.

Ter illustratie: een organisatie als UWV is in de afgelopen decennium geconfronteerd met meer dan duizend wijzigingen in wet- en regelgeving: gemiddeld twee per week. Gevolg is dat de portfolio van uit te voeren ICT-projecten binnen de uitvoering volledig is uitverkocht. Komt er iets bij, dan moet er eerst geschoven worden in de prioritering.  

4. En dat alles in een omgeving waar de concerngedachte tot voor kort ver te zoeken was. Waar niet alleen sprake was van een groot aantal afzonderlijk opererende ministeries, ook nog eens een scala van verschillende uitvoeringsorganisaties. Met binnen die entiteiten ook weer tal van eigen koninkrijkjes die allemaal vonden dat ze net iets anders waren. Wat tot medio vorig decennium is getolereerd.

5. Tot slot: er is de afgelopen vijf jaar fors bezuinigd met heftige taakstellingen. Uiteraard is schaarste een enabeler om onderwerpen gerealiseerd te krijgen, maar we ontkomen niet aan forse investeringen. Niet alleen in de juiste professionals, ook in innovatieve ICT-systemen. En dan hebben we het over omvangrijke bedragen.

Gericht op het doorbreken van vastgeroeste patronen

Wil je écht winst boeken met de toepassing van ICT dan zul je het integraal moeten aanvliegen. Waarbij je werkprocessen end-to-end (ook organisatieoverstijgend) tegen het licht houdt. Om dát eerst te stroomlijnen. Om daarin te snoeien en te standaardiseren. Brownpaper-achtig. En dan helpt het geweldig om per domein of keten (denk aan: ondernemen, zorg & welzijn, mobiliteit, onderwijs & cultuur, fysieke leefomgeving, veiligheid) een toekomstbeeld te ontwikkelen. Van hoe dat domein er straks in 2025 uit ziet – welke publieke waarde we creëren – als we nú ons ICT huiswerk netjes doen. Ontwikkelingen in ons publieke domein die vergelijkbaar zijn met greenfields als Airbnb (20 procent traditionele hotelmarkt, verzorgt op jaarbasis > 15 miljoen accommodaties) of taximakelaar Uber (actief in 200 steden in 45 landen, verdubbelt ieder half jaar qua omzet). En als je die eindbeelden hebt kun je in de sfeer van Covey (‘begin met het einde voor ogen’) ook makkelijker rechtvaardigen wat we nu moeten investeren om daar straks te komen. Heb je direct een ICT-agenda 2025 die je als kapstok kunt gebruiken voor veel van de Elias-achtige aanbevelingen. Waarin het dan ook past dat de politiek zich meer op de ‘wat’ vraag in plaats van de ‘hoe’ vraag focust. Met nadrukkelijk aandacht voor een lange termijn onderstroom. Waarin per domein beleid en uitvoering elkaar gaan versterken, vanuit één gemeenschappelijke leidende agenda.

Want alleen zo ontstaat dat besef – in zowel omgevingen van politiek, beleid, wetgeving, uitvoering als handhaving – dat het bij de overheid niet meer gaat om het structureren van organisaties maar om het structureren van informatie.

Over Dirk-Jan de Bruijn
Dirk-Jan de Bruijn

Opgeleid in Groningen (bedrijfseconomie) en aan de VU (PGO Management Consultancy). Na twee decennia actief te zijn geweest in consultancy (IBM, Deloitte en rechtsvoorganger Bakkenist) overgestapt naar een directiefunctie bij Rijkswaterstaat. Daar een bijdrage geleverd aan de transitie van aanbieder van infrastructuur naar aanbieder van mobliliteit. Na groot aantal jaren actief geweest te zijn als kwartiermaker binnen het Concern Rijk nu actief met de EU Truck Platooning Challenge. Om zo stappen te zetten om andere mobiliteits- en logistieke concepten te operationaliseren. Participeer daarnaast frequent in Gateway reviewteams. Heb mijn eigen veranderervaringen toegankelijk gemaakt in 'Vastgeroeste Patronen Doorbreken' (Scriptum 2016).

https://www.scriptum.nl/boeken/vastgeroeste-patronen-doorbreken/

Naar een youtube-filmpje over Dirk-Jan de Bruijn.