Home / Nieuws / Algemeen / Jongere interim-manager neemt de markt over
Nieuws

Jongere interim-manager neemt de markt over

Jongere interim-manager neemt de markt over

22 juni 2011 - De jongere generatie interim-managers is het zelfstandig ondernemerschap op het lijf geschreven. De oudere generatie worstelt met het bestaan als zzp’er. Overzicht van de IM-markt anno 2011.

Door

In de Interim Index 6 van Atos Interim Management en Nyenrode Business Universiteit geven meer dan 630 interim-managers hun visie op hoe de IM-markt zich de tweede helft van 2011 ontwikkelt.

 

Jonge interim-managers werken vaker in opdracht, maken veelvuldig gebruik van sociale media, hebben meer nevenactiviteiten en investeren in hun loopbaanontwikkeling. Dat leidt tot meer tevredenheid over het bestaan als zelfstandig ondernemer. Voor oudere interim-managers geldt het tegendeel. Naarmate de leeftijd van IM’ers stijgt, volgen zij minder vaak een opleiding en staat deze ook minder in relatie tot hun vakgebied. Hun concurrentiepositie verzwakt daardoor, en uiteindelijk blijft een vast dienstverband als enige mogelijkheid over.


“Het lijkt erop dat interim-management en zelfstandig ondernemerschap meer zijn weggelegd voor de jongere en middengeneraties dan voor oudere interim-managers. Alles wijst erop dat de oudere generatie moeite heeft met het bestaan als zelfstandig ondernemer. Terugkeer naar een positie in vaste dienst lijkt voor hen de meest reële optie”, zegt Atos IM-directeur Piet Hein de Sonnaville.

In Nederland werken tussen de 15.000 en 20.000 interim-managers. Bijna 7 op de 10 interim-managers – vooral IM’ers die voor de overheid werken – vinden dat zelfstandig ondernemerschap de voorkeur verdient boven een functie in loondienst. Hun belangrijkste drijfveren zijn vrijheid, flexibiliteit, autonomie en de mogelijkheid om talenten te benutten. Arbeidsvoorwaarden - zoals de beloning of het evenwicht tussen werk en privé – zijn minder belangrijk.

Bij het verwerven van nieuwe opdrachten is het eigen netwerk nog steeds het belangrijkste kanaal, gevolgd door ‘het bureau’. Opvallend is de geringe rol van online databanken. Ook fysieke netwerken - zoals Rotary, Lions, vrienden en familie - spelen nauwelijks een rol. Social media zijn sterk in opkomst, vooral LinkedIn. Gemiddeld hebben respondenten ongeveer 300 relaties binnen LinkedIn. Twitter slaat veel minder goed aan: slechts 11 procent gebruikt dit medium. Over het algemeen zetten interim-managers social media vooral in om zichzelf te promoten. Gemiddeld besteden zij hieraan 1,5 uur per week. Meer dan een vijfde ziet in social media geen heil voor het binnenhalen van werk.
 
De IM-markt heeft zich na de economische crisis gestabiliseerd. Sinds november 2009 is sprake van eenstijgende lijn in tarieven, inzet en duur van opdrachten. Veel interim-managers - met name tussen 35 en 45 jaar – werken gelijktijdig aan meer dan één opdracht.

Tussen de onderzochte branches zijn grote verschillen in de behoefte aan de specifieke rollen die interim-managers vervullen. Zo hebben de project- en verandermanager in de zorg het goed. De algemeen manager in de publieke sector heeft echter veel minder gunstige vooruitzichten. In alle sectoren - met uitzondering van de overheid – wordt een sterke stijging van de vraag naar projectmanagement verwacht.  Ook hier liggen volop kansen voor de jongere generatie, want startende jonge interim-managers hebben vaak een achtergrond als projectmanager.

Interim Index 6 downloaden (gratis na registratie): hierrr.